Als voorloper van de huidige Duitse dog worden de oude bulle-bijters en de ‘Hatz en Sauruden’ beschouwd. Die laatsten zijn een kruising van de sterke mastiff van het Engelse type en een snelle wendbare windhond. Onder een dog verstond men een grote sterke hond, die niet tot een bepaald ras behoorde. Later werden verschillende typen van deze hond, variërend in grootte en kleur, een dog genoemd. Voorbeelden hiervan waren de Ulmer dog, Engelse dog, Deense dog, Hatzrude en Saupacker. Later besloot men om al deze variëteiten de naam Duitse dog te geven. Daarmee werd de grondslag gelegd voor een zelfstandig Duits hondenras.

Omschrijving

De Duitse dog verenigt in zijn gehele edele verschijning trots, kracht en elegantie. Hij heeft een grote, krachtige en solide lichaamsbouw. Door zijn substantie, adel en harmonische verschijning en in het bijzonder zijn uitdrukkingsvolle hoofd, boeit hij de toeschouwer als een edel standbeeld. Zijn lichaam toont bijna vierkant, dit geldt in het bijzonder voor de reuen. De schofthoogte bedraagt bij reuen minimaal 80 cm en bij teven minimaal 72 cm. De lichaamslengte (van borstbeenpunt tot zitbeen) mag de schofthoogte bij reuen met niet meer dan 5% en bij teven met niet meer dan 10% overschrijden. De gemiddelde leeftijd ligt op 5 tot 6 jaar.

Eigenschappen

Onderhoud van de vacht Weinig
Beweging Veel
Kindvriendelijk Ja
Huishond Minder geschikt